Toch zijn er mensen als Kloppenburg die het wél doen, hoe komt dat?
‘Daar zit ‘m inderdaad het probleem met die theorie, er zijn vaak mensen die wél ingrijpen. Ik denk dat het puur gevoelsmatig is. Mensen die een sterk gevoel van verantwoordelijkheid hebben zullen sneller denken: ik kan dit niet zomaar laten gaan. Het is hetzelfde als wanneer je ergens in de rij staat en iemand voordringt. Grote kans dat tien mensen hun bek houden en één iemand zegt: “Gast, ga terug in de rij”. Dat zijn mensen die persoonlijk het gevoel hebben van verantwoordelijkheid, maar dat zegt dus niets over groepen.
Bovendien, ook mensen die als enige getuige zijn van geweld grijpen vaak niet in. Sterker nog, bij enorm veel misdrijven blijkt er achteraf iemand te zijn geweest, die had kunnen helpen. Het probleem is dat geval natuurlijk ook dat je het risico loopt om – net als Kloppenburg – zelf slachtoffer te worden. Als je denkt dat de dader twee keer zo sterk is als jij en straks net zo hard op jou inslaat, is direct ingrijpen niet per se de beste optie.’
De politie bellen kan altijd, toch?
‘Dit gaat over kritieke situaties waarin snel handelen cruciaal is. Bij Kloppenburg gebeurde het ook allemaal heel snel. De politie was veel te laat geweest.’
Wat moet je dan doen?
‘Ten eerste zo veel mogelijk aandacht trekken zodat zoveel mogelijk mensen zien wat er aan de hand is. Spreek andere mensen aan of maak een hoop geluid. Als er een hoop mensen op af komen, denkt de dader misschien sneller dat die moet wegwezen.
Er wordt ook vaak aangeraden om – vooral in het geval van ongelukken - heel doelgericht mensen opdrachten te geven. Het gaat namelijk niet alleen om het feit dat mensen in groepen zich minder verantwoordelijk voelen, veelal weten ze ook vaak gewoon niet wat ze moeten doen. Als iemand dan de leiding neemt en zegt: “Jíj belt de politie, jij legt je jas onder zijn hoofd en zorgt dat die blijft ademen,” dan doen mensen het ineens wél.
Het belangrijkste is dat je je bewust bent van het feit dat waarschijnlijk niemand iets zal doen. Als je je dat beseft, is de kans dat je wél in actie komt, als een stuk groter.’